Blog

Paracetamol, vitaminen en mineralen uit basispakket

Paracetamol, vitaminen en mineralen uit basispakket

Fikse tegenvaller voor reumapatiënten

Vanaf 1 januari 2019 worden paracetamol (1000 mg), vitaminen en andere vrij verkrijgbare medicijnen en voedingssupplementen niet meer vergoed vanuit de basisverzekering, als het aan het Zorginstituut Nederland ligt. Het gaat hierbij om middelen die een arts kan voorschrijven, maar die ook gewoon te koop zijn bij de drogist of supermarkt. Vitamine D is daar een goed voorbeeld van, net als calciumtabletten. Voor mensen die deze middelen dagelijks gebruiken, zoals reumapatiënten, is dit besluit een fikse tegenvaller.

Waarom worden paracetamol, vitaminen en mineralen uit het basispakket gehaald?

Paracetamol, vitaminen en mineralen zijn over het algemeen niet zo heel duur. De overheid is daarom van mening dat iedereen deze producten zelf moet kunnen aanschaffen. Zo wordt er een hoop geld bespaard waarmee vervolgens weer andere, duurdere medicijnen of therapieën vergoed kunnen worden. Zorginstituut Nederland gaf het advies om paracetamol, vitaminen en mineralen uit het basispakket te halen al in 2016, en minister Bruins (Medische Zorg) volgt dit advies nu dus daadwerkelijk op.

Reumapatiënten hard getroffen

Wie af en toe een paracetamolletje slikt of ’s winters zijn weerstand wil ondersteunen met een multivitamine, zal deze maatregel niet zo snel in zijn portemonnee voelen. Ben je afhankelijk van deze middelen tegen reuma, dan is het een ander verhaal. Veel reumapatiënten slikken bijvoorbeeld dagelijks paracetamol in hoge doseringen. Mensen met osteoporose (botontkalking) moeten elke dag kalktabletten innemen. En zo zijn er nog veel meer patiënten die hun dagelijkse medicijnen in 2019 zelf zullen moeten betalen. Als paracetamol (1000 mg), vitaminen en mineralen niet meer vergoed worden door de verzekering, kunnen de kosten aardig oplopen.

Boze patiëntenverenigingen

Patiëntenverenigingen zijn niet blij met het besluit van het kabinet om het advies van het Zorginstituut Nederland te volgen. De reden: patiënten die paracetamol, vitaminen en/of mineralen dagelijks gebruiken, doen dit als onderdeel van een medische behandeling. Het slikken van deze geneesmiddelen moet dan eigenlijk door een arts begeleid worden. ReumaNederland (voorheen het Reumafonds) verklaart op hun website dat de nieuwe regeling ‘… kan leiden tot gevaarlijke situaties, met ziekenhuisopname tot gevolg’. Ook apothekersorganisatie KNMP is het niet eens met het besluit van minister Bruins: ‘Een kwetsbare groep patiënten wordt hiervan de dupe. Dit is slecht voor de volksgezondheid en qua besparing is het een kwestie van penny wise, pound foolish.’, aldus voorzitter Gerben Klein Nulent.

Onveilig gebruik, zorgmijding en andere risico’s

De patiëntenverenigingen en KNMP zijn bang dat het schrappen van paracetamol (1000 mg), vitaminen en mineralen uit het basispakket zal leiden tot problemen. Daarbij valt te denken aan:

  1. Substitutie: veel mensen zullen overstappen op een ander, goedkoper merk dan ze gewend zijn. Dit kan bijwerkingen veroorzaken.
  2. Verkeerd gebruik van medicijnen: niet iedereen leest de bijsluiter zorgvuldig door. Als een medicijn niet langer wordt voorgeschreven door een arts, wordt er ook geen persoonlijk doseringsadvies meer gegeven. Patiënten kunnen dan teveel of te weinig medicatie innemen, met alle risico’s van dien.
  3. Zorgmijding: sommige mensen zullen de medicatie minder vaak innemen of zelfs helemaal niet meer aanschaffen als ze het zelf moeten betalen. Dit kan op langere termijn leiden tot ernstige risico’s. Iemand met osteoporose die geen kalktabletten meer slikt, kan dan bijvoorbeeld sneller iets breken.

Het stopzetten van de vergoeding van paracetamol, vitaminen en mineralen kan dus aardig wat gevolgen hebben. Overweegt u om naar aanleiding van de nieuwe regeling het gebruik van uw vertrouwde medicijnen te wijzigen? Overleg dit altijd eerst met een arts!

27 juni 2018 is er gepraat in de Tweede Kamer over het voorgenomen besluit.

Bronnen: Zorgwijzer.nl, BNN-VARA, RTL nieuws, Zorginstituut Nederland